Post Traumatische Stress Stoornis (PTSS), wat is dat?

De term PTSS is de laatste jaren ingeburgerd en wordt te pas en te onpas gebruikt, alsof je na elk indringende incident dat je meemaakt PTSS zal ontwikkelen. Gelukkig is dat niet zo. Slechts 10-15% van de mensen die iets schokkends meemaken ontwikkelen een PTSS.

PTSS

Er bestaat een officiële beschrijving van wat een PTSS is. Daarmee wordt bedoeld dat, als je blootgesteld bent aan een traumatische ervaring (ernstig bedreigende situatie) waarvan je getuige bent geweest of zelf mee geconfronteerd bent en dat je dan reageert met intense angst, hulpeloosheid en afschuw.

Daarnaast wordt de traumatische gebeurtenis steeds herbeleefd. Dat uit zich in opdringende herinneringen aan de gebeurtenis, erover dromen, handelen alsof het opnieuw gebeurt en het gevoel te hebben dat je het opnieuw beleeft. Als je aan de gebeurtenis denkt, zorgt dat voor psychisch lijden en lichamelijke reacties.

Verder hebben mensen met een PTSS, naast het herbeleven, de neiging zaken te vermijden die aan de schokkende gebeurtenis doen denken. Dat kan zich uiten in het vermijden van de plaats waar het gebeurde, het uit de weg gaan van gesprekken of gedachten die horen bij de schokkende gebeurtenis, het niet kunnen herinneren van bepaalde aspecten van de gebeurtenis en het verliezen van belangstelling voor zaken waar je eerst wel in geïnteresseerd was.

Naast het herbeleven en het vermijden zijn mensen vaak verhoogd prikkelbaar. Dat kan zich uiten in moeite hebben met inslapen of doorslapen, prikkelbaarheid, woede-uitbarstingen, snel schrikken en heel waakzaam zijn.

Deze klachten moeten heftig zijn en beperkingen geven in het functioneren thuis en op het werk en ze moeten langer dan een maand duren, wil je spreken van een PTSS.

Duren ze korter dan een maand, dan spreek je van een Acute Stress Stoornis.

Als je iets schokkends op je werk of in je privéleven hebt meegemaakt en je leest bovenstaande door, dan kun je mogelijk een aantal zaken herkennen en je verschrikt afvragen of je een PTSS hebt. Zoals al gezegd is: Een PTSS krijg je niet zomaar, mensen zijn over het algemeen heel goed in staat om te gaan met schokkende gebeurtenissen en mocht je een aantal weken klachten hebben hoeft dat helemaal niet te betekenen dat je een PTSS gaan ontwikkelen. In het kort mag je zelfs zo zeggen dat, als je een paar weken last hebt van bovengenoemde klachten, je dat het best kunt omschrijven als een normale reactie op een abnormale gebeurtenis. Je maakt iets indringends of bedreigend mee, je lichaam maakt allerlei ‘vechthormonen’ aan om de situatie het hoofd te bieden en de periode daarna wordt gebruikt om weer in balans te komen.

Loop onderstaande opmerkingen eens na als je iets heftigs op je werk hebt meegemaakt. Misschien herken je er een aantal van bij jezelf:

“Toen het gebeurde leek het of mijn gevoelens uitgeschakeld waren en ik op de automatische piloot handelde, daarna kreeg ik trillende handen…kwamen de tranen…”.
“Zelf heb ik er geen last van, waar ik het meest van onder de indruk was, is de angst die ik zag op het gezicht van mijn (minder ervaren) collega’s…”.
“Ik kon niet slapen die nacht…sliep heel vast..”.
“Steeds zie ik opnieuw wat er gebeurde…stelde ik me voor wat er had kunnen gebeuren…stelde me het ergste scenario voor…vraag me af of ik goed gehandeld heb”.
“Die vervelende hoofdpijn…rugpijn speelt weer op, daar heb ik jaren geen last van gehad…”.
“Ik voel me moe…mat…heb nergens zin in…”.
“Ik ben niet meer die stevige man/vrouw die ik altijd dacht te zijn…”.
Ik voel me in de steek gelaten door collega’s…mijn leidinggevende…de politie…”.
“Collega’s willen steeds weten hoe het met me gaat, maar ik heb niet zo’n zin om daarop te antwoorden…”.
“Ik kan me niet eens meer concentreren…lukt me niet meer de krant te lezen…”.
“Ik weet niet of ik dit werk wel moet blijven doen…”.
“Ik schrik heel snel…ben snel boos op mijn kinderen…van het geluid van een brommer raak ik al in paniek…”.
“Ik zie overal potentiële daders in mensen die op mijn dader lijken…”.
“Ik ga niet onbevangen meer naar mijn werk…moet een drempel over als ik de inrichting inga…durf niet goed die cel in waar het gebeurde…”.
“Soms vraag ik me af of de klachten nog over gaan…”.

Klachten die mensen kunnen ( Nogmaals! dat hoeft niet!) hebben na een schokkende gebeurtenis zijn vaak heel lastig om daar mee om te gaan. Ze kunnen het dagelijks leven ook ontwrichten. Het is rot als je slecht slaapt, moe bent, snel prikkelbaar bent of je niet meer kunt concentreren, allemaal zaken waar je voor het incident geen last van had.

Gelukkig en dat is meestal zo, gaan die klachten na enige tijd weer over. De gebeurtenis is dan verwerkt en je kunt ernaar kijken zonder dat je nog van slag raakt. Je vergeet de gebeurtenis niet. Over dertig jaar kun je hem nog goed navertellen. Als je het een plek hebt gegeven hoor je ook vaak dat mensen hierdoor een ervaring rijker zijn geworden. Ze hebben iets meegemaakt dat hun leven uiteindelijk positief beïnvloed heeft (wat meer leren relativeren, geleerd hebben dat je zelf er veel aan kunt doen om het een plek te geven, weten wat belangrijk voor je is).

Mensen willen de eerste dagen altijd weten hoelang de klachten kunnen aanhouden en zijn dan wat teleurgesteld als je dat niet precies kunt zeggen. Dat hangt natuurlijk ook van individuele omstandigheden af. Hoe zat je in elkaar op het moment dat het gebeurde (ben je iemand die makkelijk met tegenslag omgaat), hoe was je thuissituatie (alleenwonend, getrouwd, gescheiden, ziek kind, vrienden), hoe was je werksituatie (leuke werkplek met goede collega’s), voelde jij je gesteund op het moment dat het gebeurde of juist niet (collega’s hielpen mij, keken alleen maar toe), hoe zat het met je gezondheid, leeftijd? Kortom, allemaal factoren die ook meespelen in de snelheid van verwerken.

Wat altijd belangrijk bij verwerken is dat er beweging in moet zitten. Heftige klachten mogen best een paar weken duren, als ze maar afnemen. Blijven klachten ‘vastzitten’, dat wil zeggen, ze veranderen niet (de herbelevingen, het vermijden blijven hetzelfde) en als je het gevoel hebt dat je allerlei intense en nare gevoelens, die maar blijven duren, niet meer kunt hanteren, dan mag je na een week of 5-6 (4 weken is erg krap) van PTSS gaan spreken en wordt het wellicht tijd voor verdere specialistische hulp.